• Sandra

Vol hoofd

10-12-2019

Ik heb altijd wel een redelijk vol hoofd gehad. Ik kan lang over dingen nadenken, bekijk alles van tig kanten en kan tot in den treuren blijven twijfelen. Sinds ik kanker heb is dat bepaald niet minder geworden.

Ik wil graag mee blijven doen met de rest, zo gewoon mogelijk, niet anders zijn. Maar dat kan eigenlijk niet, want ik ben wél anders sinds ik ongeneeslijk ziek ben. Ik ga dood. Net als iedereen, dat wel. Alleen ga ik waarschijnlijk een stuk eerder dan gemiddeld. En dat brengt consequenties met zich mee. Ik wil zo gewoon mogelijk doen, maar hoe doe je dat als niks meer gewoon is. Als er een dreiging boven je hoofd hangt waardoor je volgend jaar dood kunt zijn. Of pas over 40 jaar. Als je elke 3 weken naar het ziekenhuis moet en dan elke keer zo bang bent dat het nu toch meer mis is. Als je elke 3 weken aan het infuus hangt en dan weer minstens 2 stappen terug moet doen van je zorgvuldig opgebouwde conditie, jezelf weer bij elkaar moet rapen en weer doorgaan. Als heel de wereld ambities heeft en plannen maakt voor later, terwijl je zelf niet weet hoeveel later je vooruit kunt kijken.

Over het algemeen sta ik er vrij positief in en dan vergeet ik soms hoe ik me ook kan voelen. Ik beschouwde mezelf altijd als een redelijk stabiel mens, maar sinds ik kanker heb, heb ik er zoveel kanten bij gekregen en denk ik nog zoveel meer na. En dat vind ik zo vermoeiend. Soms stort ik in. Ben ik heel boos of heel verdrietig. Vaak hangt dat samen met een slechte nacht of is dat de dag na een kuur. Allemaal wel te verklaren, maar ik vind het heel irritant. Hoe graag ik ook zo gewoon mogelijk wil doen, op zulke momenten besef ik dat er wel degelijk veel veranderd is en hoe kanker doordringt in elk stukje van mijn leven. 

Zo wilde ik per se Sinterklaas vieren, ook al is mijn kind pas 9 maanden en snapt hij er geen bal van. Want wie weet hoe ik er volgend jaar bij zit, of ik er dan nog wel ben. En ik kijk dit jaar nog veel meer naar kerst uit dan anders. Ja het is beladen, maar daarom juist extra belangrijk om fijn bij elkaar te zijn. Want ook hier; wie weet hoe ik er volgend jaar bij zit. Mensen die geen zin hebben in zulke verplichtingen snap ik niet zo goed meer, tenzij je een dierbare bent verloren. Over vakanties denk ik veel meer na: wat wil ik nog heel graag zien, dan moet ik dat NU doen. De ironie van alle mindfulness cursussen en mensen die zo streven naar 'leven in het nu'. Daar was ik voor de diagnose ook mee bezig, maar niks hielp daarbij zo goed als de diagnose uitgezaaide kanker dat nu doet.

Maar wat ik het moeilijkst vind is dat het zo doorsijpelt in het dagelijks leven en in mijn contacten met anderen. Ben ik nog in staat mijn werk als hulpverlener goed te blijven doen? Wat zeg ik wel en niet tegen anderen? Hoe reageer ik op bepaalde vragen, opmerkingen of verhalen? Ik wil opmerkingen van anderen zo graag als positief zien en ik vind verstandelijk ook echt dat iedereen recht heeft op zijn eigen verhaal en eigen shit. Ook wil ik pertinent niet dat mensen dingen voor mij gaan verzwijgen, want dan word ik alleen maar meer een buitenstaander. Maar wanneer ben je dan eerlijk als je een opmerking niet zo prettig vindt? Ik wil het niet, maar ik kan het echt niet helpen dat ik me soms af vraag waar iemand zich druk om maakt. Terwijl ik weet dat ik me zelf soms ook druk maak om onbenullige dingen. 

Ik kan niet altijd stil staan bij de heftigheid van mijn ziekte, dan heb ik geen leven meer. Ik merk soms dat ik me direct afsluit als iemand ernaar vraagt. Ik geef dan wel antwoord, maar vooral op de automatische piloot. Ik waardeer dan wel de interesse, maar het lukt me dan gewoon even niet goed om daar oprecht op te reageren. Maar soms lukt het niet om me af te sluiten of positief te denken. Dan schakel ik even uit en sta ik mezelf toe een dagje te zwelgen in zelfmedelijden. De dag erna is het meestal wel weer over en kan ik er weer positief tegenaan kijken.

Het tegenstrijdige in mij vind ik vermoeiend en vervelend. Ik wil graag dat mensen vragen hoe het gaat en het is fijn als ze mee leven na een kuur. Maar ik hoor mezelf al snel zeggen dat alles goed gaat en ik gewoon ben gaan werken en ik bespeur irritatie bij mezelf, omdat ik 'heus niet zielig ben'. Omdat ik sterk ben en op de een of andere stomme manier wil bewijzen dat een beetje kanker en chemo mij er heus niet onder krijgen. Maar ik bespeur evengoed irritatie als iemand niks vraagt en gewoon doorgaat met zijn leven. En als ik in de supermarkt weer eens overweeg om mezelf jankend op de grond te storten weet ik dat ik weer mijn grenzen over ben gegaan.

Op mijn slechtste momenten kan ik iedereen die gezond is en gewoon plannen maakt wel verbranden. Totaal onredelijk natuurlijk, maar blijkbaar zit ook dat helaas in mij. Ik wil dat er aandacht is voor mijn ziek-zijn en hoe kut dat soms is. Maar niet altijd en niet te veel. Ik wil dat mensen me helpen want ik kan het niet allemaal alleen, maar als ze het aanbieden wijs ik het meestal af. Ik raak geïrriteerd  als iemand het bagetaliseert. Maar ook als iemand het naar mijn idee te veel dramatiseert. Tegenstrijdig, vermoeiend en onredelijk naar anderen toe. Dus kies ik er meestal toch maar voor om het te laten gaan. Want er is één ding wat ik inmiddels zeker weet: morgen kan ik er weer anders over denken.

En ja, dit stuk heb ik gemaakt op de dag na een kuur. Morgen weer een nieuwe dag.

2 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven

(Over)leven

Afgekeurd

Gezonde kankerpatiënt

21-08-2020 Mij werd een tijdje terug gevraagd welke klachten ik nou precies heb van de kanker en de behandelingen. Ik zie er gezond uit, loop hard. Niks te klagen zou je zeggen. Ik klaag ook niet zo n